Over mobiliteit: de loopschoen en de trein

Gisteren opnieuw een mobiliteitsdag op zijn Smetty’s beleefd. Ik mocht eindelijk de auto naar de garage brengen voor reparatie. Dit keer een erg normale meneer die mij als nieuwe klant begroette. “Als ik u een paar keer gezien heb, dan hoef je zelfs niet meer bij afhaling van de wagen te betalen” liet hij alvast weten. Ik kreeg zowaar een groeipad als klant aangeboden. Wel een erg andere aanpak in vergelijking met de garage van vorige week.

Omdat ik niet onmiddellijk zin had om met de bus naar huis te gaan en de omweg erbij te nemen (wegenwerken), heb ik maar terug gegrepen naar de manier waarop ik mij vroeger verplaatste wanneer ik zonder vervoer zat. Gewoon loopschoenen aantrekken en de 9 km naar huis lopen. Allez, ook een beetje wandelen tussenin want ik ben pas een paar weken geleden terug begonnen met lopen. Op 50 min stond ik terug thuis.

In de namiddag was het dan weer tijd voor een ander stukje mobiliteit: met de bus naar Gent-Sint-Pieters (station) en dan de trein naar Antwerpen Berchem. Vandaar de trein naar Amsterdam en overstappen in Rotterdam. Van daaruit sporen naar de eindebestemming: Utrecht Centraal. Het kaartje Gent-Utrecht kostte €62 voor een retourtje, de rit duurde ongeveer 3u30 min en ik ben 2 keer overgestapt. Voor dat geld kan je niet met de wagen naar Utrecht rijden en zeker geen 3 dagen parkeren.

Ik was vergeten hoe efficiëent lopen eigenlijk is. Wel erg eigenlijk als je het vanuit een biologisch standpunt bekijkt. We zijn niet met een fiets, een auto, een bus, een trein, een vliegtuig of een boot op aarde gekomen. Voor korte afstanden mag voor mij de loopschoen dus weer een rol spelen. Maar toch staat het afhalen van de wagen deze week met stip in mijn agenda. ‘Mijn wagen, mijn vrijheid’. Het is jammer genoeg een feit.

U zegt?