Een koe op de duiktrap

Duiken, duiken, duiken. Dat stond er zowat op het programma vorige week, en ook deze week. Komende zaterdag en zondag organiseert de club de lessen voor het "advanced open water" diploma. En daar moest voor geoefend worden.

Woensdag en vrijdag met de club gaan duiken in de Blaaremeersen. Dat is altijd goed voor een rondje "ik zie geen steek, maar wil toch duiken". Ideaal als oefenvijver, maar als ik er 2 keer na elkaar in gelegen heb, is het toch genoeg voor een paar weken. Als beloning mag ik er komend weekend weer in gaan liggen. ‘t is dat het moet…

Tijdens het weekend twee duikjes in Zeeland gedaan. De eerste aan het bekendste duikcentrum uit de regio:
De Kabbelaar. De tweede duik aan een al even bekende duikstek: Dreischor Gemaal. Bij de eerste duik was de zichtbaarheid teleurstellend. Ik miste zelfs een dikke kreeft op 20 cm van mijn duikbril. Althans, dat is wat mijn buddy mij heeft verteld. Hij staat zelf bekend als: "hij die boven een grote snoek hing zonder het te zien". Zo zie je maar, blind zijn, overkomt iedereen. De tweede duik was beter. Fouten genoeg gemaakt om er veel van te leren. Maar dat hoort er nu éénmaal bij. Sommige mensen maken te grote fouten. Vrijdagavond is in dezelfde buurt een Belgische vrouw van 45 overleden na een duik op 45 meter diepte. De Hollandse commentaar: "’t zijn altijd de Belgen", een Belgische duiker zegt: "’t zijn weer die van de Nelos federatie". Ik krijg er vooral koude rillingen bij.

Nog een foto genomen bij Dreischor Zuidlangeweg. Een geliefde duikstek omdat er reefballs in het water liggen. Er was maar één kleine hindernis: een paar koeien op en rond de trap, met de bijhorende koeienvla. Omdat we geen zin hadden in een extra hindernis en bijhorend luchtje, zijn we ietsje verder gereden naar Dreischor Gemaal. Wat ik niet snap: "Is Zeeland niet groot genoeg dat ze net daar koeien moeten afzetten?

U zegt?