In het klooster

Afgelopen week zat ik ergens in Beieren in een klooster. Mijn leven te beteren. Dat spreekt.

Serieus dan. Het was mijn tweede buitenlandse reis in het kader van mijn Ph.D. De eerste stond volledig in het teken van een cursus volgen, afgelopen week was het een combinatie van workshops en keynotes volgen, presentaties geven en presentaties van andere Ph.D.-studenten bijwonen en er feedback op geven. Een interessante combinatie die een getuigschrift opleverde dat er “100 uur” hard gewerkt werd (en ze meenden het serieus want een paar mensen moeten komende week extra taken doen om het diploma alsnog te krijgen).

Zelf heb ik natuurlijk de credits keihard nodig voor de Doctoral Schools, maar eigenlijk deed ik het daar niet voor. Mijn doel was naar buiten komen met mijn doctoraat en er eens uren over kunnen babbelen en dat heb ik een volledige week kunnen doen. Want wat moet een mens anders in een klooster doen?

Ook mijn volgende trip staat al vast. Dan ga ik met de grote mensen mee naar mijn eerste conferentie. En waarschijnlijk zal de volgende stap zelf op een conferentie spreken zijn.

Het was een zinvolle week in het klooster, maar ik was toch stiekem ook aan het aftellen om weer naar huis te mogen. Straks ga ik nog als een huismus klinken…

U zegt?