Chicago

10/07/2010

Als Ph.D-student zijn er een aantal zaken die ik moet doen de volgende jaren om mijn doctoraat te behalen (conditio sine qua non). Op nummer één staat artikels schrijven, direct gevolgd door presenteren op enkele internationaal en binnen mijn vakgebied erkende conferenties (bijvoorbeeld ICLS, CSCL, EARLI en AERA). Dat schrijven staat met stip bovenaan op mijn todo-lijst voor volgend jaar, het presenteren zou een automatisch gevolg daarvan moeten zijn. Als voorbereiding op dat alles ben ik afgelopen week naar een wetenschappelijke conferentie geweest. In Chicago.

Chicago is een fijne stad om een paar dagen te vertoeven. Het weer was ook prachtig afgelopen week (warm, maar niet vochtig) en ik had enkele fijne collega’s mee. Op de conferentie-vrije dagen vond ik ook de tijd om 2 wandelingen te doen met de Chicago Architecture Foundation (CAF) en een dagje rond te slenteren in het Art Institute of Chicago. Lang geleden dat ik zoveel foto’s genomen heb. En ze opgeladen heb op Flickr.

Blauw en zwart

30/06/2010

Vandaag een paar presentaties bijgewoond binnen het academische milieu. Wat mij dan toch weer opvalt (beroepsmisvorming, zonder twijfel) is dat een goede presentatie geven niet evident is. Je moet in eerste instantie natuurlijk iets te vertellen hebben, de inhoud mooi verpakken en het dan op een fijne manier brengen. Maar mensen wat wordt er toch geknoeid met presentaties en de volledige omkadering daarrond.

Als je bij het presenteren zelf hapert omwille van de zenuwen, daar kan ik inkomen. Het overkomt ons allemaal (mij ook!). Maar wat ik vandaag allemaal gezien heb: donkerblauwe letters op een zwarte achtergrond, halve cursussen op 1 dia, maar ook workshopleiders die eigenlijk op de moment zelf nog moeten zoeken wat ze daar alweer komen doen…

Eerlijk gezegd, de slechst georganiseerde conferenties en workshops vind je binnen het onderwijsmilieu (nationaal en internationaal, ik denk nu niet aan één specifieke organisatie). Een conferentie of congres organiseren is een vak. Maar daar zijn ze binnen het onderwijs precies nog niet van overtuigd.

Prezi

25/05/2010

Ik liep al lang met het voornemen rond om eens een Prezi te maken. Zelf zou ik Prezi omschrijven als een tool die mindmapping combineert met presentatietechnieken.

Met de gratis versie kan je alleen presentaties online aanmaken die publiek gepubliceerd worden, bij betalende accounts kan je ook offline werken en het resultaat privé houden. Voor educatieve doeleinden krijg je een gratis account die qua opties het midden houdt tussen de gratis en de betalende versie.

Op zich is een Prezi maken niet zo moeilijk, maar ik ben er toch een paar uren zoet met geweest. En dan nog is het resultaat redelijk basic. Ik verwacht trouwens dat diegenen die juweeltjes met PowerPoint of Impress maken, ook diegenen zullen zijn die fantastische Prezis maken. Zelf behoor ik niet tot die klasse vrees ik.

Qua toepassingsgebied zou ik nooit de traditionele presentatie vervangen door een Prezi. Vooral de bewegingen en het zoomen bij Prezi, lijken mij niet bevordelijk wanneer je een lange uitleg wil ondersteunen.

Voor de ICT-praktijk heb ik een Prezi gemaakt over mijn Persoonlijke leeromgeving. Afgelopen academiejaar heb ik over dat onderwerp zelf creditgewijs al 2 keer een mindmap moeten maken. En als ik dat statische plaatje vergelijk met de mogelijkheden van een Prezi, dan weet ik in elk geval voor de toekomst wat het gaat worden als ik moet kiezen tussen een mindmap of een Prezi.

Eerlijkheidshalve moet ik er wel aan toevoegen dat in de Prezi hieronder weer een deel van mijn presentatiepad (volgorde van de bewegingen) is gaan lopen. Gelukkig kan je dat met de offline presentatieversie helemaal opvangen.

We hebben er lang op moeten wachten, maar morgen is het eindelijk zover: de ICT-praktijkdag zal georganiseerd worden op mijn eigen Hogeschool.

Zelf ga ik nog eens een sessie geven over persoonlijke leeromgevingen (PLE) of leernetwerken (PLN). De (voorlopig) laatste uit een reeks van 3 (1e op Barcamp 2 Ghent, de 2e op de vorige ICTdag).

Het doel van de sessie is de leerkracht bewust maken van wat een PLE of een PLN is, wat het je opbrengt en hoe je eraan begint. De presentatie staat zoals gewoonlijk op Slideshare:

Baby gans

27/04/2010

Allebei in het onderwijs staand, bespreken we onze onderwijswinkel regelmatig met elkaar. Een vaak terugkerend onderwerp zijn de excuses van studenten. Afgelopen week kreeg ik nog zo een verhaal in de mailbox waarvan ik dacht, als dat allemaal waar is, dan is het toeval wel erg zwaar te keer gegaan. Maar het excuus van het jaar, gaat wel naar een student van mijn wederhelft die zich als volgt verontschuldigde voor afwezigheid tijdens de les:

“Spijtig genoeg kan ik vandaag niet in de les aanwezig zijn. Onze familie heeft namelijk een nieuwe aanwinst – een baby gans – die ik onmogelijk een hele dag alleen in zijn doos kan laten zitten.”

Een baby gans als excuus.

In het klooster

27/03/2010

Afgelopen week zat ik ergens in Beieren in een klooster. Mijn leven te beteren. Dat spreekt.

Serieus dan. Het was mijn tweede buitenlandse reis in het kader van mijn Ph.D. De eerste stond volledig in het teken van een cursus volgen, afgelopen week was het een combinatie van workshops en keynotes volgen, presentaties geven en presentaties van andere Ph.D.-studenten bijwonen en er feedback op geven. Een interessante combinatie die een getuigschrift opleverde dat er “100 uur” hard gewerkt werd (en ze meenden het serieus want een paar mensen moeten komende week extra taken doen om het diploma alsnog te krijgen).

Zelf heb ik natuurlijk de credits keihard nodig voor de Doctoral Schools, maar eigenlijk deed ik het daar niet voor. Mijn doel was naar buiten komen met mijn doctoraat en er eens uren over kunnen babbelen en dat heb ik een volledige week kunnen doen. Want wat moet een mens anders in een klooster doen?

Ook mijn volgende trip staat al vast. Dan ga ik met de grote mensen mee naar mijn eerste conferentie. En waarschijnlijk zal de volgende stap zelf op een conferentie spreken zijn.

Het was een zinvolle week in het klooster, maar ik was toch stiekem ook aan het aftellen om weer naar huis te mogen. Straks ga ik nog als een huismus klinken…

Het is weer zover morgen. Alweer de 16e ICT-praktijkdag. Aangezien in het blog- en podcastverhaal een beetje gehad heb als onderwerp voor een workshop, ga ik een presentatie geven over een nieuw onderwerp: “Een persoonlijke leeromgeving (PLE) ontwikkelen met web2.0 applicaties”. Op Barcamp heb ik een proefpresentatie gehouden (met een serieuze theoretische inslag), morgen geef ik het in workshop-formule.

Maar wat is dat nu een persoonlijke leeromgeving of een PLE? Omdat er geen enkele Nederlandstalige definitie mij beviel, stel ik zelf een vrije vertaling van Siemens 2007 voor: “een PLE is een verzameling van applicaties, die een conceptuele eenheid vormen met als kenmerken openheid (interactie met de omgeving), interoperabiliteit (systemen kunnen met elkaar communiceren) en learner-control (beslissing bij de lerende)”.

Op zich is een persoonlijke leeromgeving geen nieuw concept, maar wel zeer actueel, en dan vooral binnen de theorie rond het connectivisme (waar leren en kennis gedefinieerd worden via de netwerken die je vormt), de massale inburgering van de nieuwe media (wie zit er nu niet op Facebook?) en de steeds groter worden impact van technologie binnen onze maatschappij (meer daarover op mijn Engelse blog).

De presentatie is een uitloper van een cursus die ik gevolgd heb voor mijn doctoraat (CCK09). Het onderwerp zelf interesseert mij enorm omdat het 2 van mijn favoriete topics combineert: leren en nieuwe media. Misschien moet ik er eens een artikel aan wijden.

Tik tak

1/10/2009

We zijn 3 weken ver in het nieuwe academiejaar. De eerste lessen zijn gegeven en de studenten versturen de typische begin-van-het-jaar mailtjes waar uren tijd in kruipen.

Op ‘t unief zijn we ook van start gegaan voor jaar 2. Dat brengt momenteel behoorlijk wat administratie met zich mee. Daarnaast volg ik terug een cursus in het kader van het doctoraat en zetten we het onderzoek verder.

Het is elk jaar hetzelfde tijdens het eerste semester en ik vrees dat het de komende jaren niet gaat veranderen: proberen om niet te verzuipen, deadlines net halen en hard doorwerken. Geef mij maar het tweede semester.

* zucht *

Misschien bent u al het gedoe rond sociale netwerksites stilaan beu. Want Facebook haalt tegenwoordig, net zoals Twitter of Netlog, elke dag wel het nieuws. Wat mij vooral interesseert in al die nieuwtjes is de betekenis die de betreffende sites stilaan innemen binnen ons dagelijks leven en de verandering die ze teweeg brengen of duiden.

Het meest interessante feit de afgelopen weken vond ik de bekendmaking van een beslissing van de Raad voor examenbetwistingen. Het was groot nieuws dat een conversatie op Facebook als bewijs voor examenfraude werd aanvaard (De Standaard, 25/08/09). Een dag later kregen we ook een interview met één van de studentes onder de titel “ze hebben ons verklikt” (De Standaard, 26/08/09, en ook bij Janien). Uit dat laatste artikel: “Annelien en haar medestudente liepen tegen de lamp omdat ze op Facebook hun spiekmethode overlegden en pochten hoe ze hadden samengewerkt.

Als onderwijsmens en media lector vond ik het een bijzonder verhaal. Ik was eerlijk gezegd wel benieuwd naar het officiële besluit van De Raad voor betwistingen. Die besluiten komen met enige vertraging online, maar sinds gisteren is het bewuste Facebook besluit online.

Uit het besluit blijkt duidelijk dat het spieken werd vastgesteld op 3 verschillende momenten door examentoezichters, maar dat er geen tastbare bewijzen gevonden werden (in een digitaal tijdperk niet zo gek uiteindelijk). Tijdens een gesprek met het departementshoofd werd het spieken toegegeven en ook schriftelijk ondertekend door de studenten. Pas bij het definitieve verslag trokken de studenten hun staart in en verklaarden ze dat de bekentenis onder druk  getekend werd. Vanaf dan hebben ze alle mogelijke procedures gebruikt die er waren. Er volgden binnen de school nog enkele gesprekken met studenten en toezichters. Een belangrijk rol is ook weggelegd voor medestudenten die het dossier duidelijk versterken ten nadele van hun medestudenten: de school ontvangt e-mails, anonieme brieven én een Facebook-conversatie (zie onderaan). Read the rest of this entry »

Verlof in zicht

2/07/2009

Het einde van het schooljaar is in zicht. Gisteren namen we afscheid van de afgestudeerden en van de meeste collega’s. Morgen is dan ook officieel de laatste dag dat de lesgevers aanwezig moeten zijn bij ons op school. Al op reis vertrekken is tegenwoordig geen goed idee meer, want behoorlijk wat collega’s moeten nog opdraven voor een herdeliberatie van studenten die een klacht ingediend hebben.

De administratie is ook nog niet met verlof. Bijna al mijn directe collega’s moeten volgende week nog solliciteren. En omdat een vergadering daardoor uitgesteld werd, werd onze laatste werkdag verschoven naar volgende week woensdag. Er zit steeds meer ‘rek’ op dat verlof van ons.

Maar bon, ik mag met mijn 6 weken waarschijnlijk niet klagen van u. Dit jaar gaan we dat indelen als: 1 week om te rommelen, 2 weken werken aan het doctoraat en 3 weken echt verlof.

Bij deze wens ik iedereen toe dat het een mooie zomer moge worden blijven.

Mijn lila sjacoche

21/06/2009

Paarse sjacoche

Ik heb een handgemaakte sjacoche gekregen van de Chinese collega. En dat vind ik bijzonder sympathiek.

Eerlijkheidshalve moet ik wel zeggen dat ik even schrok van de kleur. Het deed mij ook spontaan denken aan deze meneer:

Al snel ontspon er zich een dicussie op Twitter over het verschil tussen purper en paars. Na kleurenadvies van Gudrun en lamazone, houd ik het zelf bij lila. Dat het een schoon kleur is, werd wel duidelijk toen een collega haar lichtblauw exemplaar wou ruilen voor de mijne. Natuurlijk gaan we daar niet op in. Na enig gegoogle, heb ik trouwens geleerd dat violet-paars-purper en lila doorheen de geschiedenis staan voor: koninklijk, priesterlijk, macht en nobelen.

De Chinese collega heeft zelf een bruin exemplaar en gebruikt het effectief als sjacoche. Ik heb eventjes getest of ik de mijne daar ook voor kan gebruiken, maar ik krijg er net mijn portefeuille niet in. Jammer. Maar niet getreurd, ik ben al lang op zoek naar een mooie pennenzak en ik denk ik dat ik hem nu gevonden heb. In elk geval, en dat meen ik, ik ben er erg blij mee en het is zeer lief van haar om ons telkens iets mee te brengen uit China.

Morgen neem ik mijn sjacoche al mee naar de deliberatie. En als ik hem dan uit mijn rugzak haal, zing ik zonder aarzelen “bag, bag, bag, bag, woehoe”.

Motto

10/06/2009

Vandaag las ik op het schoolbord in mijn examenlokaal bij de instructies van mijn voorganger:

dit examen wordt afgelegd onder het motto ‘kik noch blik’.

Ik heb het zelf nog nooit zo mooi in 3 woorden kunnen uitleggen.

Examen gezocht

29/05/2009

Deze voormiddag had ik 25 studenten die een examen kwamen afleggen, deze namiddag 31. We zitten dan in het grootste computerlokaal omdat de andere lokalen die capaciteit niet aankunnen. Ik vond 25 studenten examineren redelijk relax, maar vreemd genoeg vond ik 6 koppen erbij behoorlijk stresserend. De uitdaging is en blijft toch steeds om een examen in een computerlokaal sereen en vlot te laten verlopen. Afleidingen en dingen die fout kunnen lopen genoeg, weet u wel.

Nadat de laatste studente buiten was, telde ik voor de zekerheid alle stukken die ik nodig had nog eens na:

* 31 keer deel 1 (check)
* 31 keer deel 2 (check)
* 30 keer het digitale exemplaar (hartaanval)

Een beetje logisch denken later had ik de ontbrekende naam gevonden en nog iets later de computer gespot waarvan ik hoopte dat het ontbrekende exemplaar erop zou staan. En prijs. Oef.

Als ik een fout maak, dan moet de student daar natuurlijk niet voor opdraaien. Maar ik zou het zelf lullig vinden als zou blijken dat mijn examen verloren is gegaan en dat ik daarom zo een goeie score gekregen heb. Het is mijn ervaring dat onze studenten daar ook nog zo over denken. Gelukkig maar.

Momenteel zit ik in het vragenlijsten-stadium (versturen en ophalen) binnen mijn onderzoek. Tijdens het bellen met de directie, is het mij opgevallen dat zij veel belang hechten aan het gebruiken van de juiste titels. Bij het opsturen van de vragenlijsten, heb ik mij dan voor de zekerheid maar even verdiept in het juiste gebruik van titulatuur (de wijze van aanschrijven van personen waarop zij op grond van hun titel, predikaat, rang, maatschappelijke positie e.d. aanspraak kunnen maken). Bij het doorlezen daarvan, viel mijn oog op de academische titulatuur. Ik wist geeneens dat dat bestond.

Wat veel mensen niet weten is dat professor geen titel is, maar een functieaanduiding en een aanspreekvorm is die hoort bij het ambt van hoogleraar. Hoe moet u dan iemand aanschrijven met een academische titel? Voor een doctor is het ‘ weledelzeergeleerde’, bij een meester en ingenieur mag u aanzetten met ‘weledelgestrenge’, en voor een doctorandus (de vroegere licentiaten, nu masters) kan het met ‘weledelgeleerde’. Op Wikipedia staan al deze aanspreekvormen ook opgelijst.

Titulatuur is al lang uit de mode. Maar nu weet ik wel hoe ze mij in de jaren 50 hadden aangeschreven: ‘weledelgeleerde vrouwe’. Hehe.

Chinese collega

25/04/2009

peach blossom

Op de unief hebben we een paar Chinese collega’s. Dat zijn stuk voor stuk harde werkers die een aantal jaren in Gent komen wonen en werken. Ze laten daarvoor alles enkele jaren achter. Soms zelfs vrouw en kind.

Ik heb ook een Chinese collega gekregen en ze zit recht tegenover mij. We hebben vaak interessante cultuurbabbels en ik heb daar echt al veel uit geleerd.

Woensdag had de collega een goed idee: ze liet mij en een andere collega kennismaken met zelfgemaakte en uit China meegebrachte peach blossom tea (perzik bloesem). Het recept klinkt als volgt: doe wat blaadjes in een glas, giet er nadien warm water op, laat vervolgens koud worden en voeg dan wat honing toe om de bitterheid wat te milderen. Drink de thee koud en eet de bloemetjes op. De thee heeft als leuke bijkomstigheid dat je er een mooie huid van krijgt, aldus de collega. Read the rest of this entry »

Zwemles

1/04/2009

Sporten is belangrijk, het hele jaar door. Alleen durft sporten nog al eens wat tijd te kosten, tijd die er niet altijd is. Voor die momenten heb ik sinds ik deeltijds aan de universiteit werk, ook geen excuus meer. Het grootste sportcomplex van de unief ligt vlak naast mijn bureau zeg maar. Concreet resulteert dat voor mij in het regelmatig beoefenen van 2 extra sporten: badminton en zwemmen.

Ik heb mij voor de gelegenheid ook een badminton racket gekocht,  maar ik ben er niet zo tevreden over. Gewoon een racket uit de rekken plukken, was blijkbaar geen goed idee. Voorlopig ga ik niet in een nieuw investeren, maar mochten we met ons groepje blijven spelen, dan wil ik er mij wel eens in verdiepen om echt een deftig exemplaar op de kop te tikken. Sinds kort spelen er ook 2 Chinese collega’s met ons mee, en het moet gezegd, het niveau en het tempo vliegt naar boven. Chinezen zijn goed voor de conditie.

In het sportcomplex huist ook een mooi zwembad, en dat biedt mij de mogelijkheid om binnen het timeframe van één uur te sporten. En toch kan ik niet zeggen dat ik graag zwem. Het is voor mij altijd een functionele sport geweest: omdat ik het nodig had als surfer en duiker, omdat het een sport is waarbij je weinig gewrichten belast en nu dus… omdat het weinig tijd kost. Ik heb ook altijd het gevoel gehad dat ik veel beter zou kunnen als ik maar eens iemand vond die naar mijn zwemstijl wou kijken (echt naar gezocht, maar geen leerkracht gevonden). Een paar weken geleden was ik dat verhaal aan een collega sportleerkracht aan het vertellen.

U kan het vervolg al raden. Vandaag lag ik in het zwembad voor een uurtje zwemles. “Dat valt goed mee”, zei de collega, waarna een lange lijst met verbeterpunten volgde. Na een half uur oefenen, voelde het zwemmen totaal anders aan. Ik zal nog veel moeten oefenen om mijn fouten eruit te krijgen, maar ik had voor het eerst sinds lang weer echt plezier aan het zwemmen zelf.

En dat bracht mij tot de bedenking dat we zoveel vaardigheden tijdens onze kindertijd of jeugdjaren aanleren en nooit meer opfrissen. Ik had al een beetje hetzelfde gevoel bij auto rijden, maar het is ook van toepassing bij sporten zoals zwemmen. Vaardigheden opfrissen, ik kan het u ten zeerste aanraden.

Ik had vroeger een video 8 camera. Een geweldige toestel was dat. Monteren deed ik met de videorecorder op het tv-toestel. Op een dag was ik het gewoon beu en was het gedaan met filmen. Het enige wat er nog van rest is een schoendoos vol cassettes. Die moet ik dringend eens laten digitaliseren, want er zullen ongetwijfeld mooie herinneringen op staan.

Vorige week heb ik voor het eerst terug een camera vastgenomen. Een digitale dit keer. Aanleiding was mijn presentatie gisteren, over het gebruik van wiki’s bij groepswerk. Dat heb ik gedocumenteerd met interviews en screencasts.

De interviews zijn met de camera opgenomen in mpg-formaat, de screencasts werden opgenomen met Jing. Voor de eerste screencasts heb ik gewoon de gratis versie gebruikt, wat resulteerde in materiaal in swf-formaat. Op dag 2 heb ik wijselijk besloten om onmiddellijk over te schakelen naar de betalende versie, wat resulteert in opnames in mp4-formaat.

Tussen de opnames van de filmpjes en de presentatie lag er te weinig tijd om veel over een montageprogramma te leren. Gelukkig is mijn Eva goed thuis in Adobe Premiere Elements, en kon ik afgelopen weekend rekenen op montagehulp. Ik had een eerste montage nooit op 2 dagen rond gekregen. De (test)filmpjes werden geëxporteerd naar avi, omdat ze enkel en alleen voor de presentatie gisteren zullen/kunnen/mogen dienen. Het eindresultaat zou over enkele weken een montage moeten opleren van mpg met swf en van mpg met mp4, alsook een export van dit eindproduct naar het flv-formaat.

Gisteren was er dan de grote première met presentatie via een beamer (800 bij 600 resolutie). Mijn vaststelling daarbij (na montage): de mpg-bestanden zijn prima, de swf-bestanden totaal onduidelijk. Bij de mp4-bestanden is het resultaat half/half: alleen de opname die op vraag van mijn collega zelf gedaan werd op een scherm van 800 bij 600, is gelukt.

Ik heb de afgelopen week dan ook behoorlijk wat geleerd over digitale video. En ook veel beginnersfouten gemaakt vrees ik.  De komende weken ga ik mij wat verder toeleggen op het opnemen van goeie screencasts (die de beamertest doorstaan) en ook zelf leren monteren met een programma. Bij de Mac komt er standaard iMovie, ik denk dat ik dat eens ga proberen. Hoe simpeler een programma, hoe liever.

Het leertraject video is interessant, maar wel lang en tijdsintensief. En dat laatste is toch een serieus en niet te onderschatten minpunt.

Vieze maand

6/02/2009

Januari was een beetje een vieze maand. Het begon met zelf een examen afleggen. En toen kwam er examens afnemen. Om eerlijk te zijn mijn meest interessante examens ooit. Want wat ik de afgelopen maanden geleerd heb op de unief, heb ik proberen toepassen binnen mijn eigen examens. Met dank aan de collega’s aldaar om hun materiaal en expertise met mij te delen.

En na het afnemen van de examens, komt het proces van verbeteren. En feedback geven over de examens. En die dingen waren eigenlijk niet zo gunstig gepland. Het zal mij geen 2e keer overkomen dat ik dat uit het oog verlies.

Ondertussen is er ook nog het wetenschappelijk onderzoek dat stilaan vorm begint te krijgen en waarvoor het komende semester de eersta data verzameld en geanalyseerd zal worden. Eigenlijk moet ik daarvoor eerst nog een cursus statistiek blokken, want dit semester volg ik een vak statistiek oefeningen. * zweet *

Tussendoor was er eerder deze week een conferentiepresentatie en moet ik nog een presentatie voor over 2 weken voorbereiden. Met filmpjes en zo.

Ik moet er u dan ook niet van overtuigen dat ik blij ben dat januari voorbij is en dankbaar dat mijn ook in het onderwijs werkende wederhelft daar allemaal begrip voor heeft en helpt waar mogelijk.

Januari was een vieze maand, maar over 2 weken is het dan eindelijk verlof. Hoera.

Bollekes kleuren

5/01/2009

Het examen zit erop. Blij dat het achter de rug is.

Hoe was het? Moeilijk te zeggen. Het zijn geen eenvoudige examens en relatief hoge scores zoals ik die zelf geef aan mijn studenten hé. Laat ik het erbij houden dat ik hoop dat het examen en de permanente evaluatie samen goed genoeg zijn, zodat ik de studiepunten kan inbrengen in mijn doctoral schools. Het vak is goed voor 6 punten en ik moet er 60 behalen op het einde van het doctoraatstraject. Voor de duidelijkheid: die doctoral schools maken geen deel uit van het doctoraatsonderzoek op zich (en het uiteindelijke ‘proefschrift’), maar is een soort opleiding die voltooid moet worden alvorens je de titel krijgt.

Inhoudelijk was de leerstof zeker de moeite. Veel geleerd, absoluut. Maar het studeren heeft ook veel tijd gekost. En tijd die naar opleiding gaat, zit niet in onderzoek. In semester 2 wil ik graag die rollen omdraaien.

Om te eindigen nog dit. Bij het afgeven van het examen bleek mijn examenblad niet te voldoen aan de vereisten. Er moesten 40 bollekes gekleurd worden en die van mij waren niet ‘vol’ genoeg. Ik heb zeker nog 5 minuten zitten bijkleuren. Weer een vergeten vaardigheid die terug is.

Blokverlof II

3/01/2009

Nog 2 keer slapen en dan heb ik examen. Ergens ben ik blij dat het maandagochtend al moet/mag gebeuren, anderzijds had ik best wat meer tijd kunnen gebruiken.

Ondanks het feit dat er erg goed voor mij gezorgd wordt, weet ik héél erg zeker dat ik niet opnieuw student zou willen zijn. Mijn bewondering voor mensen die werken en studeren combineren, is er alleen maar door toegenomen.

Allez hop, we gaan nog wat verder doen.

* zucht *

Proudly powered by WordPress. Theme developed with WordPress Theme Generator.
Creative Commons License

Creative Commons License Creative Commons License